Het beleid algemeen
Bij de Kerntakendiscussie 2015 is besloten bij het vaststellen van de tarieven voor de OZB, Hondenbelasting en Toeristenbelasting, te streven naar een tarief dat beweegt rond het landelijk gemiddelde. Hierbij wordt  de geraamde opbrengst als taakstellend aangemerkt.
Bij de behandeling van de Kadernota 2015 is een motie aangenomen waarbij het college wordt verzocht:

  • in 2017, voor de vaststelling van de tarieven 2018, opnieuw te berekenen welk taakstellend bedrag benodigd is:
  • de tarieven onroerende zaakbelastingen voor 2018 niet hoger vast te stellen dan noodzakelijk om te komen tot een structureel sluitende begroting.

Bij het onderdeel “beleid per belastingsoort” is gemeld op welke wijze inhoud is gegeven aan deze motie.
De Hondenbelasting en Toeristenbelasting is diverse malen onderwerp van gesprek geweest in de gemeenteraad. Vooralsnog wordt voorgesteld deze belastingen te handhaven en een standpunt in te nemen bij de volgende bestuursperiode in 2018.
In een overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen, waarin inzichtelijk wordt gemaakt hoe bij de berekening van tarieven van heffingen, die hoogstens kostendekkend mogen zijn, wordt bewerkstelligd dat de geraamde baten de ter zake geraamde lasten niet overschrijden, wat de beleidsuitgangspunten zijn die ten grondslag liggen aan deze berekeningen en hoe deze uitgangspunten bij de tariefstelling worden gehanteerd volgt hierna.